Steven Raes
HomeAgaporniden/LovebirdsParakeets/Parrots/ForpusSiereenden/DucksLandschildpadden/TortoisesTT - ExhibtionFoto's/Pictures
Verzorging
Leeuwieken
Amerikaanse smient
Baikaltaling
Bergeend
Carolina eend
Chileense Smient
Cuba Boomeend
Europese brilduiker
Europese slobeend
Eyton Boomeend
Gele fluiteend
Gevlekte boomeend
Hottentottaling
Kaneeltaling
Krooneend
Mandarijneend
Manengans
Marmertaling
Radjah eenden
Roodschoudertaling
Versicolortaling
Witwangboomeend

Latijnse naam : Dendrocygna viduata

Witwangboomeenden - Hobbykweker - Steven Raes

Afkomstig uit Afrika, man en vrouw zien er volledig hetzelfde uit, het ganse jaar door. Er bestaat ook een Isabelkleurige mutatie , alhoewel ik die eerder zilverachtig vind.

       Witwangboomeend Isabel - www.hobbykweker.be                   Witwangboomeenden Isabel - www.hobbykweker.be

Deze eenden worden ook wel eens fluiteenden genoemd omdat ze een vrij doordringend geflluit laten horen . Houd hier rekening mee als je moeilijke buren hebt, of als je de dieren dicht tegen je huis houdt.
Zeker als er iets gebeurt in de omgeving laten ze zeer snel van zich horen. Voor de rest zijn het zeer nieuwsgierige eenden die vrij vertrouwelijk kunnen worden.

Het houden van deze eenden is niet moeilijk, tot broeden brengen iets moeilijker omdat ze meestal slechts beginnen op driejarige leeftijd en een nestje maken onder klimop of andere planten op de grond. Zeer goed opletten dus voor eksters of andere rovers...
De meeste literatuur zegt dat deze eenden vrij sociale eenden zijn en dat er dikwijls meerdere koppels nodig zijn vooraleer ze tot broeden komen. Eén paar gedraag zich dan vrij dominant, waarbij het dominante vrouwtje gaat broeden.
Zelf heb ik momenteel 3 koppels waarmee ik ook regelmatig kweek.

Mijn ervaring leert dat men bij witwangboomeenden twee zaken goed in het oog moet houden :

1. Koppels die de eerste maal kweken durven het dikwijls na een paar dagen voor
    gezien houden.
2. Afhankelijk van de nestplaats dient men deze goed te beschermen tegen rovers 
    van buitenaf, aangezien ze niet in een kast broeden zijn ze heel gevoelig voor
    nestrovers (kraaien, eksters,..).
    Bij sommige kwekers zouden deze wel in nestkasten broeden, op de grond. Ik
    heb persoonlijk niet deze ervaring;

Meestal haal ik na een aantal dagen de eieren weg om ze verder te laten uitkomen in de broedkast. Het opkweken van de jongen is niet moeilijk, ze eten vrij makkelijk maar zijn in het begin relatief schuw en groeien heel traag in vergelijking met andere siereenden zoals bvb. manengans of marmertaling...

Leewieken na 2 à 3 dagen.
Ringen met een 11 mm ring.

 Eigen publicatie : Maandblad aviornis oktober 2011 :

Witwangboomeenden. Met vallen en opstaan.


Hobbykweker - Witwangboomeend - Steven Raes            hobbykweker - witwangboomeenden

Reeds jaren ben ik verwoed liefhebber van siereenden. Ooit gestart met met enkele mandarijnen en een koppel roodschouders werd de collectie langzaam uitgebreid met enkele andere eendensoorten. Een van de soorten die op het verlanglijstje stonden waren de witwangboomeenden, omwille van hun mooie kleuren, fiere houding en nieuwsgierige aard.

Na enkele weken zoeken kon ik bij een liefhebber één koppel aanschaffen van 3 jaar, dus kweekrijp. Daar werden nog twee jonge vogels aan toegevoegd, zodat ik over een kleine kweekgroep beschikte. De dieren werden gehuisvest samen met de andere eenden, en dit zonder onderlinge problemen. De witwangen durven wel wat bazig zijn, maar zijn niet agressief tov de andere eenden.
Toen de lente eraan kwam werden de witwangen wat zenuwachtiger, en werd de vijver hun exclusief speelterrein waar overvloedig gebalst en gepaard werd. Ondertussen verdween één van de oudste vogels regelmatig in de haag tussen de klimop, vermoedelijk op zoek naar een geschikte nestplaats. In nestkasten echter hadden ze geen enkele interesse. Na een tweetal weken vond ik de eerste eieren in een mooi kommetje tussen de klimop. Aangezien dit allemaal vrij vlot leek te gaan, liet ik ze rustig begaan en enkele dagen later was dit nestje uitgebreid tot een tiental eieren. Toen ik echter enkele dagen later nogmaals ging controleren waren de eieren allemaal verdwenen, enkel nog enkele resten van eierschelpen met opgedroogde eierdooiers eraan herinnerden me aan het legsel. Ik veronderstel dat eksters of kraaien of andere ongedierte deze lekkere hapjes niet konden laten liggen en weg was de hoop op nakweek.
Een drietal weken later waren de witwangen terug volop aan het baltsen en daarom kreeg ik hoop dat ze nog aan een tweede ronde zouden beginnen, wat inderdaad het geval was. De witwangen verdwenen nu regelmatig in het tuinhuisje dat op dat ogenblik nog in het eendenperk stond en dat twee kippen huisvestte. Als nestplaats werd nu één van de legbakken van de kippen gekozen. Met de ervaring van de vorige keer nog in het achterhoofd had ik me enkele kalkeieren aangeschaft en telkens er een ei gelegd werd, verving ik dit door een kalkei om te vermijden dat ook nu het nest zou vernield worden door ongedierte.
Aangezien ik echter een enorme voorstander van natuurbroed ben, was ik van plan de eieren terug onder te leggen van zodra de eenden vast begonnen te broeden. Omdat de eenden echter niet in de beslotenheid van een nestkast aan het broeden waren, voelde ik me toch niet echt gerust in de goede afloop, vandaar dat ik slechts de helft van de eieren teruglegde en de andere helft naar de broedkast verhuisde.
Naderhand bleek dit een goede beslissing want ook nu werd het nest dat door de eenden werd bebroed vernield.
Van de vijf eieren die ik in de broedkast had gelegd, kwamen uiteindelijk 3 jongen uit.

Jonge boomeenden zijn in het begin heel koudegevoelig en daarom werden ze samen met enkele jonge mandarijneenden in een overdekte volière gehuisvest met een warmtelamp als vervanging voor de moederwarmte.
In vergelijking met de mandarijneenden zijn de jonge boomeendjes vrij “slungelachtig” en groeien ze slechts zeer langzaam op. Als voedsel geef ik ze versele laga korrels wat ze zeer goed opnemen. Na een viertal weken echter beginnen ze hun groei-achterstand wat in te halen, maar algemeen zijn de witwangboomeenden toch pas na een 12-tal weken op grootte, terwijl dit bij mandarijnen en roodschouders reeds na een 10-tal weken is.
Op die manier was ik er dan toch in geslaagd dat eerste jaar enkele jonge witwangboom- eenden groot te brengen. Aangezien mijn witwangboomeenden echter nooit kozen voor een nestkast, maar steeds gingen nestelen tussen de vegetatie is het me nooit gelukt om natuurbroed jongen te verkrijgen. Ik heb alle eieren telkens moeten wegnemen vooraleer ze opgevreten werden door eksters of ratten, een probleem dat ik nooit gekend heb bij de holenbroeders zoals roodschouders, marmertalingen of manenganzen.
Maar ondanks dit blijft de witwangboomeend een van de mooiste siereenden, niet moeilijk om te houden en relatief tam. Ze hebben echter één nadeel, ze worden niet voor niets fluiteenden genoemd….
 


HomeAgaporniden/LovebirdsParakeets/Parrots/ForpusSiereenden/DucksLandschildpadden/TortoisesTT - ExhibtionFoto's/Pictures
Dieren vereisen constante aandacht en verzorging, weet waar je aan begint.